12-13 december.
Dit verhaal bestaat uit twee delen. Het vrolijke deel eerst en daarna een gitzwart deel over het gewelddadige verleden van Cambodja. Eerst maar even het wat lichtvoetiger werk.
Zoals jullie hebben kunnen lezen moesten we ‘s ochtends vroeg met de bus van Kratie naar Phnom Penh. De bus stopt recht voor het hotel dus na een stevig ontbijtje konden we direct instappen. De bus is niet zo vol als de vorige keer en we zitten op mooie plaatsen helemaal voorin met prachtig uitzicht op de vele rijstvelden die langs ons heen tot ver aan de horizon te zien zijn. Regelmatig stopt de bus voor een plaspauze Cambodjaanse stijl (in de bosjes) en soms ook bij een wat afgeschermder toilet voor de dames.
Halverwege de reis die 6 uur duurt wordt een lunchpauze ingelast van 20 minuten bij het lokale Van der Valk restaurant. Op de foto’s kun je zien hoe dat er uit ziet in Cambodja.
Aangekomen in Phnom Penh ontstaat direct een enorme commotie. Het krioelt er van de zogenaamde MOTO’s. Een soort tuktuk, maar dan toch weer anders. Het is in feite een brommer met een aanhanger. Het enige probleem was dat de reisorganisatie vergeten was het adres door te geven van het hotel en in een stad met 3 miljoen inwoners en alleen de naam van het hotel wordt het lastig. Gelukkig staat er een Amerikaans stel met een Lonely Planet in hun handen en daar staat het hotel ook in vermeld. Na het adres gevonden te hebben stappen we in zo’n moto en worden recht voor de deur van een statige oude franse villa afgezet. Wederom een prachtige locatie.
Na een opfrisbeurtje moeten we eerst naar de bank om nieuwe dollars te tanken. ALLES wordt hier in dollars afgerekend. De eigen valuta, de Riep, wordt niet erg gewaardeerd. Als dat gelukt is besluiten we naar de rivier te lopen waar het allemaal gebeurt.
Eten en drinken.
Aan de Mekong liggen talloze restaurants. Eerst besluiten we een biertje te drinken naast de Foreign Correspondent Club (F.C.C.), wereldberoemd omdat hier tijdens de twee Indo China oorlog en het daaropvolgende zwarte hoofdstuk in de geschiedenis van Cambodja, alle buitenlandse correspondenten verbleven. De wat ouderen onder ons kunnen zich waarschijnlijk de beelden nog voor de geest halen van het macabere Pol Pot bewind en een volkomen desolate en lege Phnom Penh stad. We komen op de eerste etage van een groot restaurant aan de waterkant te zitten waar onze gastheer van de avond Mr. La zich te buiten gaat aan allerlei overheerlijke hapjes. Op het laatst smeken we om genade en betalen de rekening. Hoewel het niet ver lopen is besluiten we een Moto te nemen om ons naar het hotel te brengen.
Creedence Clearwater Revival.
Maarten was in zijn jeugdjaren, en nu nog steeds, een grote fan van de Amerikaanse groep Creedence Clearwater Revival (C.C.R.) . Op het moment dat we de straat oversteken zet een van de MOTO bestuurders een muziekje op van C.C.R.. Die moesten we hebben. Terwijl we net zitten biedt Maarten de bestuurder wat extra geld als hij in plaats van naar het hotel te rijden ook nog even een rijtoertje door de stad doet. Zo zitten we gezellig met z’n tweeën, laat op de avond op de MOTO onder het genot van prachtige muziek en de chauffeur laat ons mooie stukken van Phnom Penh zien. Hij stopt nog even op de plek waar 4 rivieren splitsten (4 Faces) en brengt ons uiteindelijk naar ons Hotel. Wat een schitterend besluit van een lange dag.
Paleis en Historisch Museum.
De volgende ochtend worden we opgepikt door de gids van de reisorganisatie om de stad nader te bezichtigen. Eerst het paleis en de zilveren Pagoda. Prachtige gebouwen met ongekende rijkdommen. Het is een wonder dat dat allemaal gespaard is gebleven. De gids verteld honderduit en je komt hier ogen te kort. Daarna bezoeken we het historisch museum met prachtige beelden uit het rijke verleden van het Khmer rijk dat eens zowel Thailand, Laos, Cambodja en Vietnam omvatte.
Pol Pot.
Nu volgt het uitgesproken macabere deel van het verslag. Niet bedoelt voor de sensatiezucht, maar zonder dit te beschrijven kun je de mensen van Cambodja niet begrijpen en kun je ook niet overweg met de enorme impact die het heeft gehad op het hele land. Cambodja is arm, zeg maar gerust heel arm en dat is met name veroorzaakt door een vrij korte periode waarin een absolute idioot, een grote xenofoob en schizofrene machtswellusteling aan de macht kwam en via de door hem in het leven geroepen Khmer Rouge (Rode Khmer) een niets ontziend en totaal absurd bewind voerde. Op 17 april 1975 bezet de Rode Khmer Phnom Penh en twee dagen later wordt heel Phnom Penh onder valse voorwendselen ontruimd. Iedereen werd naar het platteland gedirigeerd en daar langzaam aan de hongerdood blootgesteld. Pol Pot opende in een voormalige school (Tuol Sleng) een geheime gevangenis die bekend stond onder de naam S-21. Was je het bewind niet goed gezind (volgens Pol Pot) dan werd je hier ondergebracht en onderworpen aan de meest gruwelijke martelingen. Ons eerste bezoek is aan deze gevangenis en het is inderdaad onbeschrijfelijk. De martelkamers en werktuigen zijn aanwezig, de vloeren uitgebeten en getekend door menselijk bloed. Een plek om heel stil van te worden en om eerlijk te zijn ook echt tranen van in je ogen te krijgen.
In een van de gebouwen is een fotoverzameling waar je de koude rillingen van over je lijf krijgt. De bewakers moesten van iedereen een foto maken zodat Pol Pot kon beslissen tot welke groep iemand behoorde. Brildragers waren vanzelfsprekend intellectuelen, die naar gebouw A moesten, arbeiders (eelt op de handen) moesten naar gebouw B. Niet welgezinde militairen ook gebouw B. De foto´s zijn erg aangrijpend omdat er dan opeens mensen (duizenden) een gezicht, een persoonlijkheid krijgen. Mocht je de ondervragingen overleven en uiteindelijk de meest bespottelijke bekentenissen ondertekenen, dan werd je beloofd dat je naar een betere plek getransporteerd zou worden.
Zwijgzaam en verdrietig stappen Jet en ik de auto in en volgen de route die deze gevangenen vervolgens aflegde.
The Killing Fields.
Ongeveer 12 kilometer buiten de stad komen we net als de gevangenen in 1975 tot en met 1978 aan op een bebost stukje naast de rivier. De gevangenen werden hier geblinddoekt aangevoerd met vrachtauto’s en vrijwel direct na aankomst naar grote kuilen gebracht. Daar werden ze met de meest primitieve instrumenten geëxecuteerd. Kogels was te goed voor deze mensen. Bewakers gebruikte bamboestokken en staal om gevangenen de hersens in te slaan. Vrouwen moesten toekijken terwijl hun baby’s met het hoofd tegen een boom werden doodgeslagen. Dit zijn de Killing Fields. Nog zeer recent zijn weer nieuwe massagraven gevonden. Midden op het terrein staat een nieuw monument met daarin de schedels van 12.000 mensen. Veelal verminkt. Tot op de dag van vandaag worden nog steeds botten en kledingstukken gevonden.
Stil, heel stil wordt je er van. De huidige regering vindt het belangrijk dat dergelijke plaatsen bezocht worden en openbaar zijn. Het is moeilijk voor te stellen dat zo iets nog geen dertig jaar geleden heeft plaatsgevonden in onze wereld. Het monument en de Killing Fields zijn een oproep om dergelijke gedegenereerde genocide en opperste waanzin NOOIT meer te laten plaatsvinden.
Toevallig zagen we vlak voor ons vertrek dat een van de bewindvoerders van S-21 een man genaamd Duech op het punt stond berecht te worden voor zijn wandaden. Bij aankomst in Phnom Penh hoorde we dat hij was veroordeelt tot 80 jaar. Dat zijn er wat ons betreft 20.000 te weinig, want zoveel doden heeft S-21 op zijn geweten. Over heel Cambodja loopt het aantal doden tijdens het Pol Pot bewind in de miljoenen.
Morgen ochtend gaan we met de boot naar Seam Reap waar de trots van het oude Cambodja en het Khmer rijk de Angkor Wat staat. Vanavond moeteen we eerst nog maar even een biertje drinken en de dag nog even in stilte op ons in laten werken.
Het ga jullie goed!
Veel liefs,
Maarten en Jet


