Phnom Penh

14 12 2009

12-13 december.
Dit verhaal bestaat uit twee delen. Het vrolijke deel eerst en daarna een gitzwart deel over het gewelddadige verleden van Cambodja. Eerst maar even het wat lichtvoetiger werk.
Zoals jullie hebben kunnen lezen moesten we ‘s ochtends vroeg met de bus van Kratie naar Phnom Penh. De bus stopt recht voor het hotel dus na een stevig ontbijtje konden we direct instappen. De bus is niet zo vol als de vorige keer en we zitten op mooie plaatsen helemaal voorin met prachtig uitzicht op de vele rijstvelden die langs ons heen tot ver aan de horizon  te zien zijn. Regelmatig stopt de bus voor een plaspauze Cambodjaanse stijl (in de bosjes) en soms ook bij een wat afgeschermder toilet voor de dames.

Halverwege de reis die 6 uur duurt wordt een lunchpauze ingelast van 20 minuten bij het lokale Van der Valk restaurant. Op de foto’s kun je zien hoe dat er uit ziet in Cambodja. 

Aangekomen in Phnom Penh ontstaat direct een enorme commotie. Het krioelt er van de zogenaamde MOTO’s. Een soort tuktuk, maar dan toch weer anders. Het is in feite een brommer met een aanhanger. Het enige probleem was dat de reisorganisatie vergeten was het adres door te geven van het hotel en in een stad met 3 miljoen inwoners en alleen de naam van het hotel wordt het lastig.  Gelukkig staat er een Amerikaans stel met een Lonely Planet in hun handen en daar staat het hotel ook in vermeld. Na het adres gevonden te hebben stappen we in zo’n moto en worden recht voor de deur van een statige oude franse villa afgezet. Wederom een prachtige locatie.

Na een opfrisbeurtje moeten we eerst naar de bank om nieuwe dollars te tanken. ALLES wordt hier in dollars afgerekend. De eigen valuta, de Riep,  wordt niet erg gewaardeerd. Als dat gelukt is besluiten we naar de rivier te lopen waar het allemaal gebeurt.

Eten en drinken.
Aan de Mekong liggen talloze restaurants. Eerst besluiten we een biertje te drinken naast de Foreign Correspondent Club (F.C.C.), wereldberoemd omdat hier tijdens de twee Indo China oorlog en het daaropvolgende zwarte hoofdstuk in de geschiedenis van Cambodja, alle buitenlandse correspondenten verbleven. De wat ouderen onder ons kunnen  zich waarschijnlijk de beelden nog voor de geest halen van het macabere Pol Pot bewind en een volkomen desolate en lege Phnom Penh stad. We komen op de eerste etage van een groot restaurant aan de waterkant te zitten waar onze gastheer van de avond Mr. La zich te buiten gaat aan allerlei overheerlijke hapjes. Op het laatst smeken we om genade en betalen de rekening.  Hoewel het niet ver lopen is besluiten we een Moto te nemen om ons naar het hotel te brengen.

Creedence Clearwater Revival.
Maarten was in zijn jeugdjaren, en nu nog steeds, een grote fan van de Amerikaanse groep Creedence Clearwater Revival (C.C.R.) . Op het moment dat we de straat oversteken zet een van de MOTO bestuurders een muziekje op van C.C.R.. Die moesten we hebben. Terwijl we net zitten biedt Maarten de bestuurder wat extra geld als hij in plaats van naar het hotel te rijden ook nog even een rijtoertje door de stad doet. Zo zitten we gezellig met z’n tweeën, laat op de avond op de MOTO onder het genot van prachtige muziek en de chauffeur laat ons mooie stukken van Phnom Penh zien. Hij stopt nog even op de plek waar 4 rivieren splitsten (4 Faces) en brengt ons uiteindelijk naar ons Hotel. Wat een schitterend besluit van een lange dag.

Paleis en Historisch Museum.
De volgende ochtend worden we opgepikt door de gids van de reisorganisatie om de stad nader te bezichtigen. Eerst het paleis en de zilveren Pagoda. Prachtige gebouwen met ongekende rijkdommen. Het is een wonder dat dat allemaal gespaard is gebleven. De gids verteld honderduit en je komt hier ogen te kort. Daarna bezoeken we het historisch museum met prachtige beelden uit het rijke verleden van het Khmer rijk dat eens zowel Thailand, Laos, Cambodja en Vietnam omvatte.

Pol Pot.
Nu volgt het uitgesproken macabere deel van het verslag. Niet bedoelt voor de sensatiezucht, maar zonder dit te beschrijven kun je de mensen van Cambodja niet begrijpen en kun je ook niet overweg met de enorme impact die het heeft gehad op het hele land. Cambodja is arm, zeg maar gerust heel arm en dat is met name veroorzaakt door een vrij korte periode waarin een absolute idioot, een grote xenofoob en schizofrene machtswellusteling aan de macht kwam en via de door hem in het leven geroepen Khmer Rouge (Rode Khmer) een niets ontziend en totaal absurd bewind voerde. Op 17 april 1975 bezet de Rode Khmer Phnom Penh en twee dagen later wordt heel Phnom Penh onder valse voorwendselen ontruimd. Iedereen werd naar het platteland gedirigeerd en daar langzaam aan de hongerdood blootgesteld. Pol Pot opende in een voormalige school (Tuol Sleng) een geheime gevangenis die bekend stond onder de naam S-21. Was je het bewind niet goed gezind (volgens Pol Pot) dan werd je hier ondergebracht en onderworpen aan de meest gruwelijke martelingen. Ons eerste bezoek is aan deze gevangenis en het is inderdaad onbeschrijfelijk. De martelkamers en werktuigen zijn aanwezig, de vloeren uitgebeten en getekend door menselijk bloed. Een plek om heel stil van te worden en om eerlijk te zijn ook echt tranen van in je ogen te krijgen.

In een van de gebouwen is een fotoverzameling waar je de koude rillingen van over je lijf krijgt. De bewakers moesten van iedereen een foto maken zodat Pol Pot kon beslissen tot welke groep iemand behoorde. Brildragers waren vanzelfsprekend intellectuelen, die naar gebouw A moesten, arbeiders (eelt op de handen) moesten naar gebouw B. Niet welgezinde militairen ook gebouw B. De foto´s zijn erg aangrijpend omdat er dan opeens mensen (duizenden) een gezicht, een persoonlijkheid krijgen. Mocht je de ondervragingen overleven en uiteindelijk de meest bespottelijke bekentenissen ondertekenen, dan werd je beloofd dat je naar een betere plek getransporteerd zou worden.
Zwijgzaam en verdrietig stappen Jet en ik de auto in en volgen de route die deze gevangenen vervolgens aflegde.

The Killing Fields.
Ongeveer 12 kilometer buiten de stad komen we net als de gevangenen in 1975 tot en met 1978 aan op een bebost stukje naast de rivier. De gevangenen werden hier geblinddoekt aangevoerd met vrachtauto’s en vrijwel direct na aankomst naar grote kuilen gebracht. Daar werden ze met de meest primitieve instrumenten geëxecuteerd. Kogels was te goed voor deze mensen. Bewakers gebruikte bamboestokken en staal om gevangenen de hersens in te slaan. Vrouwen moesten toekijken terwijl hun baby’s met het hoofd tegen een boom werden doodgeslagen. Dit zijn de Killing Fields. Nog zeer recent zijn weer nieuwe massagraven gevonden. Midden op het terrein staat een nieuw monument met daarin de schedels van 12.000 mensen. Veelal verminkt. Tot op de dag van vandaag worden nog steeds botten en kledingstukken gevonden.

Stil, heel stil wordt je er van. De huidige regering vindt het belangrijk dat dergelijke plaatsen bezocht worden en openbaar zijn. Het is moeilijk voor te stellen dat zo iets nog geen dertig jaar geleden heeft plaatsgevonden in onze wereld. Het monument en de Killing Fields zijn een oproep om dergelijke gedegenereerde genocide en opperste waanzin NOOIT meer te laten plaatsvinden.

Toevallig zagen we vlak voor ons vertrek dat een van de bewindvoerders van S-21 een man genaamd Duech op het punt stond berecht te worden voor zijn wandaden. Bij aankomst in Phnom Penh hoorde we dat hij was veroordeelt tot 80 jaar. Dat zijn er wat ons betreft 20.000 te weinig, want zoveel doden heeft S-21 op zijn geweten. Over heel Cambodja loopt het aantal doden tijdens het Pol Pot bewind in de miljoenen.

Morgen ochtend gaan we met de boot naar Seam Reap waar de trots van het oude Cambodja en het Khmer rijk de Angkor Wat staat. Vanavond moeteen we eerst nog maar even een biertje drinken en de dag nog even in stilte op ons in laten werken.

Het ga jullie goed!
Veel liefs,

Maarten en Jet





De Mekong Delta

11 12 2009

9-11 december.

We moesten nog een heel eind rijden naar het zuiden voor dat we de grens van Laos met Cambodja zouden bereiken. Gelukkig stond onze privéchauffeur al bij het ontbijt te wachten en konden we op pad. We hebben de indruk dat naarmate we zuidelijker komen het ook steeds armoediger wordt en ook leger.

Halverwege de rit stopt onze chauffeur in een heel klein dorpje en in gebroken Engels legt hij uit dat het tijd wordt voor een “busbarbeque”. Op een van de foto’s, genomen door de voorruit zie je hem inkopen doen voor de BBQ. Na nog een flink eindje rijden komen we bij de grens.

Grens Laos-Cambodja.

Nu hadden we al wat meegemaakt met grensovergangen, maar deze kende we nog niet. Aan het einde van een lange rechte weg staat een slagboom met een houten huisje. Volgens de chauffeur moesten we hier Laos verlaten. We stappen dus uit en willen onze bagage pakken. Dat was NIET de bedoeling. Eerst gedrieën naar het kantoortje. Paspoort inleveren en twee beambten maken zich druk met het zetten van stempeltjes en het innen van de vertrekbelasting (10.000 KIP per persoon). We krijgen de paspoorten weer terug en dan moeten we weer terug naar de auto en rijden vervolgens weer TERUG naar Laos???!! Wij begrijpen er echt helemaal niets van en kijken nogal verbaasd. Een stukje terug rijden en dan slaan we een karrenpad in. Aan het einde van het karrenpad staat een nog kleiner houten huisje met een veranda. Op die veranda een tafeltje met drie stoelen. Wij moeten op die stoelen gaan zitten en de Cambodjaanse? douanebeambte opent zijn attachékoffertje. Hij rangschikt al zijn stempels en overhandigt ons twee formulieren. Er worden indrukwekkend veel stempels gezet op het formulier en onze paspoorten en na het betalen van de entreebelasting ($ 2 per persoon) zijn we blijkbaar aangekomen in Cambodja.

Bootreisje.

Aan de grens zouden we naar een boot gebracht worden voor een rustig tochtje over de Mekong naar Stung Treng, zo beloofd de reisbeschrijving. Niets was minder waar. Via een wankeltrapje werden we naar een heel klein rank bootje gebracht dat voortgedreven wordt door een enorme vrachtautomotor. Maarten trapt door een plank van het plankiertje en breekt bijna zijn nek. Na opgekrabbeld te zijn moet hij met bagage en rugzak plaatsnemen in het bootje dat spontaan losraakt en dus lag hij vervolgens direct in de Mekong. Niet getreurd en nadat we alles aan boord hadden kwam de motor brullend tot leven. Het heeft ons zeker tien minuten gekost voor we besefte dat we met een enorme bloedgang al stuiterend over de Mekong richting onze volgende bestemming vlogen. Dit stukje Mekong is overweldigend mooi. Je suist langs kleine eilandjes en vreemd gevormde bomen. Het is ons een raadsel hoe de kapitein zijn weg kan vinden in dit labyrint. De tocht is sensationeel en duurt alles bij elkaar toch een uur voor dat we aankomen in Stung Treng. Daar worden we opgewacht door een vrolijke menigte en uiteindelijk worden we recht tegenover de aanlegsteiger naar ons hotel gebracht. Meer dan genoeg sensatie voor ons eerste dagje Cambodja.

Stung Treng.

Dit is een echt handelsstadje en er is een grote markt. ’s-Avonds gaan we uit eten, lopen even over de markt , maar besluiten vroeg naar bed te gaan, net als de rest van de Cambodjanen, want morgenvroeg moeten we om 7 uur met de bus verder naar Kratie. De bus naar Kratie. Kaartjes waren al geregeld en we konden op onze gereserveerde plaatsen achterin de bus plaatsnemen. Voller en voller werd de bus. Alle stoelen bezet, maar nog steeds passagiers. Geen probleem echter, want dan worden er kleine plastic krukjes in het gangpad gezet en zo vertrekken we voor de volgende etappe. Onderweg wordt nog een keer gestopt om proviand in te slaan en de koeling weer te voorzien van water en eindelijk bereiken we Kratie.

Wederom recht tegenover het busstation ligt ons hotel. Vriendelijk worden we welkom geheten en direct een stortvloed van uitgaanstips. We besluiten een privéchauffeur te regelen die met ons een tocht gaat maken langs beroemde tempels, de met uitsterven bedreigde Irrawaddy dolfijnen te gaan bekijken en ook nog een of andere heilige heuvel te beklimmen. Onze chauffeur is wederom reuze vriendelijk, maar spreekt geen woord Engels en onze kennis van het Khmer is ook niet om over naar huis te schrijven. Toch beleven met de goed man een prachtige tocht. De tempels zijn hier van binnen rijkversierd met prachtige schilderingen,met soms de meest afschuwelijke taferelen. Hetgeen met name onze chauffeur eindeloos lijkt te plezieren. Op de terugweg van de tempel stoppen we langs de Mekong.

De Dolfijnen.

Dit blijkt een goede plek te zijn om de dolfijnen te bekijken. Ze zijn erg zeldzaam en leven in kleine groepen in afgeschermde natuurlijke baaitjes in de Mekong rivier. Je moet mazzel hebben om ze te zien, maar we huren een bootje en gaan op pad. Midden op de rivier ziet Maarten als eerste een vin omhoog komen en als we zacht peddelend in de baai aankomen hoeven we niet lang te wachten. Voor ons bootje duikt er direct een op. Iets verderop zien we kleine visjes opspringen uit het water en direct daarachter verschijnt weer een dolfijn. We hebben veel geluk en zien uiteindelijk zeker twintig keer een dolfijn boven water naar adem happen. De beesten kunnen tot 2.75 lang worden en 150 kg. wegen.

Tijdens het dolfijnen spektakel hebben onze chauffeur en de kapitein van ons bootje nog even geheim overleg gehad en ze verrassen ons met een aanbod om nog even verder te varen en dan een van de kleine eilandjes in de Mekong rivier te gaan bezoeken. Ze laten het bootje stranden en nemen ons te voet verder naar een “heilige” boom. Wat een fenomenaal landschap. We prijzen ons gelukkig dat de twee heren, die zorgzaam op Jet letten ons dit moois laten meegenieten. Na het afscheid van de kapitein en het bootje beklimmen we nog een heilige heuvel met wederom een tempel en nu voor het eerst zien we ook vrouwelijke monniken. Die zijn vaak wat ouder omdat zij er voor kiezen het monnikschap pas op zich te nemen na het grootbrengen van de kinderen. Na een lange en prachtige dag nemen we afscheid van onze hartelijke chauffeur en gaan na een kort rust eten in een nabijgelegen restaurantje waar we genieten van echte Cambodjaanse gerechten. Wederom hopen we dat de foto’s recht doen aan het fantastisch mooie landschap, de mensen en de plekken die we bezochten. Het ga jullie goed !

Veel liefs,

Maarten en Jet. P.S.

Morgenochtend moeten we heel vroeg op voor de busreis naar Phnom Penh. Dat gaat ongeveer een uurtje of zeven kosten, maar onze hotelmanager heeft mooie zitplaatsen helemaal voor in de bus geregeld, dus dat gaat helemaal goed komen.





Het land van de Laven.

10 12 2009

Bolaven Plateau, Zuid-Laos , 7 – 8 december.

Het vliegveld van Luang Prabang heeft aan de buitenkant een groot luik. Het is de bedoeling dat iedereen die vertrekt hier zijn bagage in propt en dan maar hoopt dat het er aan de andere kant weer uitkomt. In ons geval ging dat goed en dat betekende dat we mochten vertrekken. Deze keer met een binnenlandse vlucht naar het zuiden van Laos, naar het stadje Pakse en het Bolavenplateau. Het vliegveld van Pakse is zo mogelijk nog kleiner en bij aankomst stond onze contactpersoon, samen met zijn vader geduldig op ons te wachten. Alles in het busje en op weg naar het Bolavenplateau waar heel veel koffie- en theeplantages liggen. Bij aankomst in het absolute midden van nergens bleken we te gaan beschikken over een prachtig houten huisje, midden in de jungle en boven de Pad Fane watervallen. Het plateau is beroemd om zijn watervallen en wij bevinden ons recht tegenover en boven de hoogste waterval van Laos. (120 meter). Door de vertraging en de lange rit naar boven hadden we niet veel tijd meer om nog iets te gaan bekijken, maar we regelden nog wel een privé tour voor de volgende dag.

Bolavenplateau.

Bolaven betekent letterlijk “land van de Laven”, de oorspronkelijke bewoners van dit plateau. De huidige bewoners zijn erg arm en dat kun je dus ook overal zien. Soms is het ronduit treurig, maar het schijnt het opgeruimde gemoed niet in de weg te zitten. Onze privetour begon met de kennismaking met mr. Luey, onze chaffeur en gids voor de dag. De rondrit met bezoek aan dorpen en watervallen natuurlijk zou de hele dag duren. Ons vervoermiddel een omgebouwd Suzuki busje met open zitplekken achterin! Het eerste bezoek is een van de vele prachtige watervallen in dit gebied. Vervolgens rijden we naar Paksong waar we de lokale markt gaan bezoeken. De fruitkraampjes zijn nog wel te doen, maar als we de vis- en vleesafdeling bezoeken moeten wij beiden toch wel een paar keer slikken. Even verderop komen we weer bij een klein plaatsje met een heel klein marktje.

Maybe Pang !

Op dit marktje krijgt onze mr. Luey een zakje zeer onbestemd vlees aangeboden en hij besluit om dit voor hem aantrekkelijke aanbod te accepteren. Jet durft nauwelijks naar de inhoud van het pakketje te kijken, maar is dapper genoeg om te vragen wat dat dan wel voor vlees is. Niet begrijpend wat de vraag is wordt er ontwijkend geantwoord. Jet zet door en begint een fraaie imitatie van geit, schaap, rund en varken. Mr Luey draait zich om en zegt:”Maybe Pang”. Hetgeen betekent dat hij het ook niet weet, maar dat het waarschijnlijk doodgeschoten is. Vanaf dat moment beginnen we met z’n drieen elkaars taal te leren. Mr. Luey heeft een opschrijfboekje en hij noteert netjes in fonetisch schrift dat bij afscheid in Nederland er luidruchtig DOEI geroepen moet worden. In het begin gaat dat fout, want hij spreekt het uit als loei en dan ook nog drie keer achter elkaar. Als jullie hier dus ooit komen en je komt een Laotiaanse gids tegen die direct bij aankomst of weggaan Doei, doei doei! roept dan weet je dat je te maken hebt met onze Mr. Luey. De tocht gaat verder. Na nog twee watervallen komen we in een dorpje dat tot beschermd dorp is benoemd. Hier kun je nog een kleine etnische minderheid vinden, zoals er overigens een stuk of 5 zijn op het plateau. Prachtige huizen, bijzondere oorbellen en grappige dingen te koop. Iets verderop gaan we een gewoon dorp binnen en bezoeken daar het schooltje en een aantal zwaar pijp rokende dames.

Enfin, kijk maar op de foto’s.

Morgenochtend moeten we heel vroeg op om met een busje langs de Mekong helemaal af te dalen naar de grens met Cambodja. Het zal ons benieuwen of deze grensovergang iets soepeler verloopt dan de vorige keer.

Veel liefs,

Maarten en Jet.

P.S. Terwijl ik dit upload zit ik ineen internetcafe in Krati langs deMekong rivier in Cambodja. We trekken vier vole dagen langs de Mekong en tot op heden is het een groot avontuur met snelle boten, rare grensovergangen en bijzondere ontmoetingen, maar dat lezen jullie de volegnde keer. Laat gerust een reactie ater, dat vinden wij leuk om te lezen en dan weten we ook of julie het een beetje kunnen volgen!?





Eerste bericht.

2 10 2007

Het moest er toch een keer van komen. Dat vele reizen maakt het niet eenvoudig op de hoogte te blijven waar Ekko eigenlijk is. Dit is de plaats waar je dat te weten kunt komen. Ik probeer zo vaak mogelijk een berichtje te schrijven waar ik uithang.

Dat laatste kan letterlijk bedoeld zijn. Een van mijn hobbies is tenslotte paragliding en dan hang je wel eens wat rond.